.

Plannenmakerij

De vrouw heeft twee weken geleden bedacht wat ze voor het kerstdiner wil klaarmaken. Een week vooraf ligt er een lijstje klaar voor de groenteman met daarop productnamen (steranijs) die me doen denken aan een tropische backpackreis. Er is verantwoord vlees (en meer) besteld bij de slager om de lange rij voor de kassa te vermijden. De feestdagen zijn ook bij uitstek geschikt om vooruit te kijken naar de vakantie aankomende zomer, de studie van de kinderen of andere vergezichten. Ik zie mezelf al joggen langs een tropisch strand. Ik heb een rotsvast geloof in de toekomst van Nederland en Europa en dus mijn klanten. Het komt wel goed. Maar waar is dat geloof eigenlijk op gebaseerd?

 

Tijdens een visiebijeenkomst met managers ontstond enige irritatie over de grote hoeveelheid plannen op flipover vellen. Rijp en groen door elkaar. De kritische noten zoemden al een tijd, tot iemand ze uit de lucht pikte en er verantwoordelijkheid voor nam. Immers, veel van de genoemde zaken waren allang onderdeel van de bedrijfsvoering, maar werden gewoon niet goed uitgevoerd. Veel andere zaken (cultuurverandering) verwezen weer naar een ideale werkelijkheid die weinig verband hield met de dagelijkse problemen waarmee men te maken had.

 

Wat zo heerlijk is aan het organiseren van een kerstmaaltijd is de concreetheid ervan. Het gaat om scoren van ingrediënten die je vervolgens transformeert tot een ander product waarmee je mensen gelukkig meemaakt. De bijproducten kunnen bestaan uit gezelligheid en geborgenheid. Met een glaasje wijn huilen boven een ui. Tijdens de maaltijd met familie of vrienden fantaseren over de toekomst en lachen om het verleden. Daar zit geen drang, geen moeten, maar vooral het loslaten daarvan.

 

Is het eigenlijk niet zo eenvoudig? Moet ik als manager niet leren om te denken in menu’s? Met elkaar in de bedrijfskeuken ingrediënten gereed maken voor transformatie? De kritische manager in de visiebijeenkomst haalde opgelucht adem toen zijn stem werd gehoord. “Wat zijn we hier eigenlijk aan het doen?” Dat geeft soms zo’n opluchting. “Hier en nu aan het doen”. Realiseren wie je bent, wat je denkt, voelt, doet. Bewustzijn dat jouw stem resoneert in de groep en daar tegelijkertijd transformeert tot een groepsresonantie. En hoe zweverig dat ook mag klinken, die groepsresonantie produceert de stem en het product van een groep. Is dat niet het wezen van een organisatie, een groep die iets produceert?  Als leden van de groep daarvoor niet ontvankelijk zijn blijft het een product van enkelen. Hoe draag je iets uit dat van een ander is?

 

De vrouw bij ons kookt beter dan ik. Maar we maken een gezamenlijk product. Het is onze maaltijd. En bij consumeren ervan wordt de maaltijd van de deelnemers, hun maaltijd dus. En zo transformeren we lekker door, met het levensreddende bewustzijn dat je deelgenoot bent van een groep. Daarop beste lezer is mijn geloof in de toekomst gebaseerd.
Ik wens u smakelijk eten.

 

 

 

TOP